Uiteraard proberen schoolleiders en docenten voortdurend invloed uit te oefenen op deze leerprocessen en -resultaten. Daarbij is ‘interactie’ een sleutelbegrip geworden. ‘Interactie’ als instrument om leren op alle niveaus binnen de school te beïnvloeden, van leerling tot docent en leidinggevende. Letterlijk betekent interactie volgens de Dikke van Dalen ‘wederzijds op elkaar inwerkend, elkaar beïnvloedend’.Wij denken dat in de wijze waarop deze interactie wordt vormgegeven niet alleen de sleutel zit voor een kwalitatief beter onderwijs,maar ook voor
‘nieuw’ leiderschap dat het onderwijs nodig heeft.
In dit artikel willen we de lezer kennis laten nemen van de zoektocht die ons heeft gebracht tot bovenstaande conclusie. In de eerste paragraaf lichten we het onderzoeksproces toe. In paragraaf 2 werken we uit waarom we denken dat de kwaliteit van de interactie tussen de leider en anderen op scholen zo cruciaal is voor onderwijsontwikkeling.We koppelen dit aan de term ‘geloofwaardig leiderschap’.We werken dit daarna uit door het onderscheid te maken tussen de geweldige leider (3) en de geloofwaardige leider (4). Tot slot sluiten we in paragraaf 5 af met een aantal mogelijkheden voor leiders die werk willen maken van hun eigen geloofwaardigheid.
Ons onderzoek richtte zich op leidinggevenden die werkzaam zijn in het voortgezet onderwijs. Op grond van onze ervaring zijn wij van mening dat onze bevindingen evenzeer van toepassing zijn op de andere onderwijssectoren.
In dit verband kunt u bijvoorbeeld een woord als ‘docent’ vervangen door leerkracht of medewerker, en het woord ‘school’ kan ook worden gelezen als onderwijsinstelling of opleiding.Wij zijn benieuwd of u onze mening deelt.
Download hier het hele katern over geloofwaardig leiderschap.

